Heleen Dupuis

Heleen Dupuis, Eerste Kamerlid voor de VVD en hoogleraar medische ethiek erkent dat de
toelaatbaarheid van klinisch onderzoek op (jonge) kinderen tot de lastige ethische dilemma’s behoren. “Eigenlijk wil je alleen mensen blootstellen aan dit soort onderzoek als ze daar goed en bezonnen toestemming voor kunnen geven. Maar als dan de consequentie is dat we te weinig kennis hebben over de werking van geneesmiddelen bij kinderen en dat weinig tot geen nieuwe medicijnen voor jonge doelgroepen worden ontwikkeld, hebben we ook een probleem”. Ze vindt de bepalingen in de huidige Nederlandse wet ‘té stellig’.

Er is volgens haar te weinig vertrouwen in professionals en in de toezichthouders. Nederland is in een heleboel dingen strenger dan de rest van Europa. “Als onderzoek daardoor naar het buitenland wordt verplaatst, kun je je afvragen of je het toch niet beter hier kunt laten plaatsvinden.” Toch is zij geen voorstander van één centrale Europese set met regels. Dat is een zaak voor de lidstaten afzonderlijk.

Wat kan wel en wat niet? Volgens Depuis moet de grens liggen bij fase 1 en fase 2 onderzoek, waarbij nieuwe middelen worden getest op gezonde mensen respectievelijk relevante patiënten die vrijwillig deelnemen. Daaraan wil ze kinderen niet blootstellen. Geen bezwaar is er tegen grotere betrokkenheid van kinderen bij fase 3 onderzoek, mits goedgekeurd door de medisch-ethische commissie.

Dupuis vindt het een taak van de politiek om tot oplossingen te komen. Dat kan door wetswijziging of door een ministerieel besluit. Daarnaast kan op een creatieve manier binnen de huidige regels meer ruimte worden gevonden.